Ik was zestien toen ik bij Eigen Kracht Jeugd kwam wonen. Het was zeker geen keuze waar ik blij van werd. Het was opgelegd door de rechter, na verschillende delicten in de buurt, waaronder een overval en een straatroof. Daarvoor had ik eerst een paar maanden vastgezeten in de jeugdgevangenis. Een plek waar ik niet opnieuw terecht wilde komen, dus wat dat betreft was begeleid wonen in ieder geval wel een beter vooruitzicht.

Van weerstand naar vertrouwen


Ik was de eerste die bij de woning van Eigen Kracht Jeugd binnenkwam. Later kwamen er anderen bij. In het begin was het vooral vreemd. Een nieuwe plek, nieuwe regels, onbekende mensen. Ik zag er echt op tegen. Langzaam maar zeker begon ik te wennen aan het huis, de regels en de mensen. Ik had niet verwacht dat ik zou klikken met de mensen daar, maar ik moet toegeven dat ik mij op den duur wel meer op mijn gemak voelde.

Bij Eigen Kracht Jeugd ben ik zelfstandiger geworden. Je moet dingen zelf doen. Je hebt je eigen kamer, je bepaalt daar veel zelf. Ik was vaak op mijn kamer, soms PlayStation in de woonkamer. We aten samen, hadden taken. Dat heeft allemaal positief bijgedragen aan mijn tijd daar.

Wat ook een verschil maakte, is dat mijn moeder altijd lang mocht komen. Dat gaf veel steun, ook al voelde ik haar pijn elke keer wanneer ze langskwam. Mijn moeder was diep teleurgesteld. Dat voelde ik aan alles. Toch is ze altijd blijven staan. Mijn familie bleef me steunen, ook al keurden ze mijn keuzes niet goed. Ik bleef onderdeel van het gezin. Dat heeft me gered, denk ik. Het verdriet dat ik haar heb aangedaan, draag ik nog steeds met me mee.

Jong, roekeloos en beïnvloedbaar


Ik kwam uit een omgeving waar snel geld normaal leek. Je omgeving heeft invloed, altijd. Vijf jaar geleden was ik jong, roekeloos en beïnvloedbaar. Ik dacht minder na. Nu kijk ik verder. Niet alleen naar vandaag, maar naar wat het met je leven doet.

Je gaat vanzelf zien: de gevangenis is tijdverspilling. Het is het nooit waard. Niet voor jezelf, niet voor je dierbaren. Je wilt niet dertig zijn en nog zo leven. Je wilt niet vast blijven zitten in dat patroon.

Het toeslagenschandaal speelde ook zeker een rol in mijn keuzes. Thuis was het zwaar. Er was tekort, stress, onrecht. Dat zet druk op mijn keuzes. Achteraf zie ik dat pas echt; in het moment had ik dat helemaal niet door.

Wat mij overeind hield


Muziek heeft me erdoorheen gesleept. Vooral in moeilijke momenten. Eén nummer vat dat voor mij samen: Best of Me van Lil Baby. Daarnaast speelt geloof een grote rol. Ik ben gelovig opgevoed. Juist in zware tijden denk ik aan God en vraag ik om hulp. Ik draag elke dag een kruis. Ik bid nu bewuster, consistenter. Dat is gegroeid.

Er is altijd licht aan het einde van de tunnel. Dat geloof ik echt.

Ik heb bij EKJ begeleiders gehad met wie ik een mooie tijd heb gehad. Mensen die bleven, die niet alleen keken naar wat je fout had gedaan, maar naar wie je bent en wie je kunt worden. Dat heeft me gevormd tot wie ik nu ben. Ik woon inmiddels al een tijd zelfstandig.

Bouwen aan iets anders


Ik neem school nu serieus. Ik wil mijn opleiding afronden en verder studeren. Eerst begeleider worden, later misschien een eigen bedrijf in de sociale sector. Wat Virgil heeft neergezet, inspireert me. Ik neem stukjes van mensen om me heen en pas die toe op mezelf.

Elke jongere is anders. Begeleiding moet daarop aansluiten. Dat leer je niet uit boeken. Je moet de omgeving kennen, begrijpen waar iemand vandaan komt. Sommigen moeten eerst de gevolgen voelen om te begrijpen wat keuzes doen. Ik was ook zo. Uiteindelijk zie je zelf dat de straat het niet is.

Over tien jaar zie ik mezelf met een goede baan, misschien een eigen bedrijf, een gezin. Respectvol leven, met normen en waarden die je hebt meegekregen. Opgegroeid met twee ouders; dat heeft me veel gegeven. De band met mijn moeder is altijd goed gebleven. Zonder haar had ik dit niet gered.

The only way is up!


Als ik terugkijk, zie ik vooral groei. Ik zeg niet dat ik trots ben, maar ik zie wat het me heeft gebracht. Ik heb gedaan wat ik moest doen. Ik ben dichter bij mezelf gekomen.

Tegen mijn zestienjarige zelf zou ik zeggen:
Je hebt je best gedaan. Je staat nu anders in het leven. Daar mag je trots op zijn!